Linken naar deze pagina?
Even geteld dit weekend: maar liefst négen keer werd mij excuses aangeboden. Je zou zeggen dat mij dan wel erg veel onrecht is aangedaan, maar nee. Een paar voorbeelden. Ik liep in de supermarkt, ik draaide het hoekje om en van de andere kant deed iemand hetzelfde, waardoor we zowat tegen elkaar opbotsten. Ik schoot in de lach, zij zei ‘sorry’. Even later vroeg ik bij de kassa om mijn bonnetje. De caissière gaf het me met de woorden: “Oh ja, sorry!”. Zaterdag, begin van de avond, de trein van Amsterdam naar Utrecht. Volle bak, langs elkaar heen schuifelende mensen. Iemand stoot mijn tas aan, kijkt verschrikt om en zegt: “Sorry!” “Ach ja, geeft niet hoor, het is druk he, dan krijg je dat”, antwoord ik. Zo temper ik het sorry-enthousiasme wel eens vaker, maar hé, ik blíjf niet bezig. Kunnen we niet gewoon afspreken dat we niet meer voor elk wissewasje sorry zeggen?
Het ene sorry is natuurlijk het andere niet. Je hebt ook de zinvolle, wellevende, terechte variant. Zoals het sorry van de ober die er twintig minuten over deed mij een wit wijntje te serveren en toegaf me glad te zijn vergeten, of mijn eigen sorry toen ik in een mij vreemde stad met de neus van mijn auto op een fietspad belandde, niet voor- of achteruit kon en de woest kijkende fietsers wat milder probeerde te stemmen door sorrysorry uit mijn geopende raampje te roepen. (Ook grappig hoe mensen dáár dan weer op reageren: van ‘Ja, onoverzichtelijk is het hier hè?’ tot ‘Ach trut, kijk uit je doppen!”) Soms kan sorry je zelfs geld besparen, zo bleek twee jaar geleden uit Amerikaans onderzoek: wie een fietser aanrijdt en daarover oprecht zijn spijt betuigt, heeft meer kans dat een financieel voorstel tot schadevergoeding zónder rechtsgang wordt geaccepteerd dan wanneer geen excuses worden aangeboden.
Vriendin V. deelt mijn ervaring, en als we het er over hebben, wordt me ineens duidelijk waaróm het overbodige sorry aan terrein wint: we zeggen het uit angst!Maar over dát soort sorry’s heb ik het dus uitdrukkelijk níet als ik pleit voor minder verontschuldigingen. Ik heb het over de toenemende automatische, overbodige en onterechte sorry’s. Vriendin V. deelt mijn ervaring, en als we het er over hebben, wordt me ineens duidelijk waaróm het overbodige sorry aan terrein wint. Vriendin V. geeft namelijk toe dat ze het woordje zelf ook vaker bezigt, zelfs als ze helemaal nergens schuld aan heeft. Zoals toen ze in een smal straatje fietste en puur door ruimtegebrek wegens geparkeerde auto’s bijna in botsing kwam met twee jongens op één fiets: de jongens kwamen zo opgefokt op haar over, dat ze zich meteen maar uitputte in verontschuldigingen, om zo te voorkomen dat ze een scheldpartij, duw of klap voor de kiezen zou krijgen. Het overbodige sorry: we zeggen het blijkbaar uit angst!
Gabriël van den Brink, cultuursocioloog en onderzoeker bij het Nationaal Instituut voor Zorg en Welzijn (NIZW), gooit het liever op een toenemende wellevendheid. “Als het al waar is dat mensen vaker sorry zeggen”, voegt hij er meteen aan toe. Natuurlijk, mijn ervaring en die van vriendin V. zijn geen harde wetenschap, maar Van den Brink vindt ‘sorry’ een aardig thema om eens wat over door te filosoferen. Als het waar is dat sorry vaker gebezigd wordt – en hij zal er de komende tijd eens op letten – dan doet hem dat deugd: misschien gaat het weer wat meer de goede kant op met Nederland en worden we stapje voor stapje weer wat netter in de omgang. “Het is misschien niet nódig om ‘sorry’ te zeggen als je iemands tas aanstoot in de trein”, zegt hij, “maar het is toch gewoon wel aardig en beleefd?”
Van den Brink ziet een golfbeweging in hoe mensen met elkaar omgaan, en wat dat betreft zou er in de Verenigde Staten al een kentering bezig zijn: “De criminaliteit daalt, het aantal echtscheidingen ook”, haalt hij een Amerikaanse onderzoeker aan. “En dat wijst op een soort herontdekking van moraal.” In Nederland ziet hij daar ook de eerste tekenen van: uit onderzoek van TNS NIPO dat eerder dit jaar werd gepubliceerd, blijkt dat zeventig procent van de Nederlanders vindt dat je elkaar moet kunnen aanspreken op asociaal gedrag. “Misschien is dat wel een gevolg van het normen en waardendebat”, zegt hij. “Maar over het algemeen geloof ik niet dat we ons in Nederland netter gaan gedragen, nog niet. Je hoeft maar om je heen te kijken om dat te zien.” Dat gevoel heeft ‘De Nederlander’ ook: maar liefst 84 procent is van mening dat Nederlanders vaker overdreven reageren op kleine irritaties dan tien jaar geleden.
”Zie je wel, SIRE zegt het ook, we zijn allemaal zo agressief in Nederland, je kunt maar beter op je woorden letten.”Inderdaad, ‘we’ vinden dat we elkaar moeten aanspreken op asociaal gedrag. Maar doen we het ook? Welnee. Slechts een derde van de Nederlanders brengt zijn eigen wens tot corrigeren in de praktijk. En de rest? Dat meldt het onderzoek niet, maar ik heb zo’n vermoeden: die zeggen óf niets, óf ‘sorry’. Zoals vriendin V. tegen die twee jochies, of zoals die dame op de fiets die sorry tegen míj zei terwijl ík aan de verkeerde kant van de weg fietste.
Nota bene naar aanleiding van het genoemde TNS NIPO-onderzoek, vond de Stichting Ideële Reclame (SIRE) het tijd de ‘kort lontje-campagne’ te beginnen, met als leus: “We hebben soms een iets te kort lontje in ons landje”. Wat krijgen we te zien? Mensen die elkaar de huid volschelden, die hun middelvinger naar elkaar opheffen en op het punt staan elkaar een tik op de neus te geven. Bedoeld om mensen ‘op een leuke manier’ te confronteren met het eigen gedrag, zo meldt de campagne-site. Op een leuke manier met het eigen gedrag? Volgens mij heeft het een ander effect: we worden geconfronteerd met ándermans gedrag, op een manier die volgens mij allerminst humoristisch te noemen valt. De campagne doet er nog eens een schepje bovenop wat onbehaaglijke gevoelens betreft: zie je wel, SIRE zegt het ook, we zijn allemaal zo agressief in Nederland, je kunt maar beter op je woorden letten. Sorry mevrouw, dat ik voor uw fiets liep toen u door rood reed. Sorry meneer, dat ik struikelde doordat uw been het gangpad blokkeerde.
Laten we sorry weer tot normale proporties terugbrengen. Gewoon, je excuses aanbieden als je gedrag een ander wérkelijk benadeelt. Verder moeten we er spaarzaam mee zijn. En het sorry uit automatisme en zelfs uit angst: wég ermee!
Januari 2006
©2006 Fréderike Geerdink
site-engine: Pêng Smart Web Design
- beheer