Linken naar deze pagina?
Virussen hebben de toekomst
Leg dit boek een week of twee op tafel en elk bezoek stort zich erop. De titel, In de toekomst is alles fantastisch. Prikkelende toekomstvisies van de neiuwe generatie Nederlandse life scientists, prikkelt nogal. De uitvoering van het boek nodigt ook uit tot aanraken: groot en glanzend. En gelukkig: na de kaft worden we niet teleurgesteld. Acht toegankelijk geschreven verhalen over ontwikkelingen op verschillende wetenschapsgebieden die onder te brengen zijn onder de life sciences: hersenen, stamcellen, infectieziekten, virustoepassingen, om maar eens wat medische thema's in het boek te noemen.
Geschreven door mensen die elke dag met deze ontwikkelingen te maken hebben: de wetenschappers zelf. De verhalen geven niet alleen interessante visies op de (nabije) toekomst, maar duiken noodzakelijkerwijs ook in de wetenschappelijke geschiedenis, wat veel boeiende informatie oplevert. Niet alleen interessant trouwens, maar ook vermakelijk en met een prima balans tussen gedegen info en interessante 'weetjes'. Zo is straks orgaandonatie niet meer nodig wegens een op maat gemaakt orgaan van lichaaamseigen weefsel. Een verwante techniek produceert vlees in de fabiek, zonder dat er ooit een beest voor geslacht hoeft te worden.
Hoofdstuk 8 is misschien wel het meest verrassend: het gaat over 'virustoepassingen', dus manieren om virussen en bacteriën in te zetten als bestrijder in plaats van veroorzaker van kwalen en ziekten. Ze worden gepresenteerd als 'precisiewapens', die mogelijk inzetbaar zijn bij een antraxvergiftiging, salmonella-aanval en zelfs obesitas. Het wordt fantastisch… in 2015.
Tim van Opijnen e.a.: In de toekomst is alles fantastisch, Fontaine Uitgevers, 124 blz., € 24,90. ISBN 9059561651.
Te doorwrocht
Op de flaptekst staat dat Circus depressie is geschreven in begrijpelijke taal. Lees even mee. 'Belangrijk is verder ook dat u zich realiseert dat het diagnostisch systeem feitelijk een classificatiesysteem is' (pag 57). 'Conversiestoornis: hierbij staan pseudoneurologische uitvalsverschijnselen op de voorgrond' (pag. 25). 'Medicatie is er in de vorm van een tablet, dragee, retard tablet of suspensie' (pag 109). Begrijpelijke taal voor wie?
Depressie komt vaak voor: één op de vijf vrouwen en één op de tien mannen krijgt er in hun leven mee te maken. Wie een depressie krijgt, komt zoals de titel van het boek treffend weergeeft, in een waar circus terecht. Circus Depressie, zo symboliseert de auteur, slaat overal zijn tenten op en is het toneel voor steeds wisselende acts, voorstellingen en scenario's. Het lot bepaalt wie de spelers in Circus Depressie zijn.
Wie door dat lot getroffen wordt en alles, maar dan ook álles over de ziekte wil weten, heeft met dit boek iets goeds in handen. In Circus Depressie wordt uitgebreid ingegaan op de vraag wat depressie is en níet is, wat de oorzaken zijn en de mogelijke behandelvormen. Sociale achtergronden, statistieken, diagnostiek, suïcide en zelfs soms bijkomende problemen als angst en psychose, alles komt aan bod. Goed uitgelegd, dat wel, maar de lezer moet zijn gedachten er wel érg goed bijhouden, waarbij enige medische leeservaring helpt.
Zo'n doorwrocht boek van de hand van een psychiater is welkom in een tijd waarin depressie nogal eens wordt teruggebracht tot een psychische aandoening die met de juiste pil simpel te bestrijden is. Aan de andere kant had het deze publicatie niet misstaan als er af en toe wat informatie was samengevat tot minder diepgaande kost en bij de indeling meer vanuit de patiënt was gedacht. Wie iets wil weten over 'medicijnen', kan dat bij 'farmacotherapie' onder 'behandeling' vinden, maar komt het woord in het register niet tegen. Daar is medicatie gevat in woorden als 'MAO-remmer', 'serotonine' en 'tricyclische antidepresiva'. Wie wil weten wat hij zelf kan doen om de voorstelling van Circus Depressie te bekorten, moet echt zoeken en tussen de regels doorlezen. Had ik Circus Depressie geschreven, dan had ik nog één stap verder richting de patiënt gemaakt.
Paul Wisman: Circus Depressie. Uitgeverij Inmerc. 125 blz., € 14,95. ISBN 9789066119437.
Schildklieraandoeningen
Er spelen nogal wat controverses in de wereld van de schildklieraandoeningen. Moet een patiënt nu wel of geen aanvullend hormoon slikken als één hormoon niet voldoende herstel oplevert? Is het nou wel of niet goed om dierlijke hormonen te ebruiken? En en arts die bepaalde geneesmidelen niet wil voorschrijven, neemt die zijn patiënten nu wel of niet serieus? Het is materie die de emoties in de spreekkamer an de endocrinoloog hoog kan doen oplopen.
In De grote (ont)regelaar, een boekje over schildklieraandoeningen, komen die controverses aan bod, naast allerlei andere zaken waar schildklierpatiënten mee te maken krijgen. Van oorzaken en de radioactieve slok – een soort behandeling – tot problemen op het gebied van werk en verzekeringen.
Dik boek dus? Nee, het is lekker handzaam gebleven. In alle opzichten, dus óók in schrijfstijl. Wonderlijk, hoe auteur Pauline van der Mije een ingewikkeld onderwerp als schildklieraandoeningen en verstoorde hormonale evenwichten, heeft teruggebracht tot gemakkelijk leesbare kost die toch niet aan de oppervlakte blijft hangen. Dat ligt aan de directe manier van schrijven, maar ook aan de manier van presenteren: de vraag-antwoordvorm leent zich uitstekend voor het stap-voor-stap uitleggen van medisch ingewikkelde zaken. Fijn is dat zowat elke vraag plus antwoord ook op zichzelf te lezen en te begrijpen valt, al roepen de herhalingen soms wel irritatie op.
Het enige minpunt zijn de zogenaamde ervaringsverhalen: we lezen bijvoorbeeld over de belevenissen van Susanne, John en Richard, die, zo meldt de auteur telkens aan het eind, verzonnen blijken te zijn. Ervaringsverhalen moet je niet verzinnen, en zeker ook geen Susanne opvoeren die blij is dat ze een schildklieraandoening-bestendig dieet heeft gevonden waardoor ze weer maatje 36 heeft. Dat gaat kriebelen.
Pauline van der Mije: De grote (ont)regelaar, omgaan met een schildklieraandoening. Uitgeverij Inmerc., 108 blz., € 13,95. ISBN 9789066119642. In dezelfe serie verschenen ook Ademnood, omgaan met astma en copd (Carien Reinking) en Het gaat over, omgaan met de menopauze (Nicolien Reith).
januari en februari 2007
©2007 Fréderike Geerdink
site-engine: Pêng Smart Web Design
- beheer